De weg naar mijn puurheid. Naar het natuurbestaan. Die is ondraaglijk.
Je longen volgerookt en je organen lamgeslagen. Al je vriendinnen gezien, alles gegeven. Je hebt de mannen je laten aaien en kroelen. Je hebt geschreeuwt, gepraat, gerend en jezelf kapot gedanst. Je lichaam trilt van geluid. Hese stem, verschrompelde handen. Je huid is kapot geaaid. Je hebt ontstoken lippen en paarse ogen. No matter of what. Het was geweldig. Je was wederom de prinses van de nacht. Met tegenzin kroop je tegen achten de stad uit. Drie prinsen, heb je achter je aan en je dolle prinsessen van vriendinnen. Ze lagen op je rug en hingen aan je haren.. je schudde zachtjes je vacht uit, want je wist dat het tijd was. Je richtte je op, en je ontdeed je van je prinsen en prinsessen. Met pijn in je hart. Je hebt het op een rennen gezet en je sprongen werden steeds groter en groter. De stenen werden grassen en toen moerassen. Achter je huilden de prinsen en prinsessen en het deed pijn ze achter te laten. Maar je wist dat ze erover heen zouden komen.
Toen je bij de moerassen kwam, ging je tippelen. Het leek alsof je bang was van het water. Het voelde vervreemd aan, zelfs toen je je hakken uitdeed. Het water leek je huid op te vreten. Je liep door. Je waadde door het moeras, wat steeds dieper werd. De planten onder het water trokken aan je kleren. Je kwam bijna niet meer vooruit, je hijgde en je huid was blauw gekleurd van inspanning. Je trok al je kleren uit, en het moeras werd steeds dieper. Er waren minder planten. Het werd even kouder, toen warmer. Het water sloop als een zachte deken om je blote huid. Het kietelde soms, fijn. Op een gegeven moment was het te diep om nog te staan, dus daar ging je. Je hield je adem even in, nam een duik en in in een boog liet je je hoofd in het blauwe water zaken. Je haren reageerden op het water. Ze dansten met haar. Je kwam even niet vooruit, stikte bijna. Je nam een moment mezelf te herstellen en begon toen naar beneden te zwemmen. De stroming was sterk en er werd aan je haren getrokken. Je zette door. Met krachtige armslagen duwde je het blauwe water opzij. Ze schoof langs je heen, het ging steeds gemakkelijker. Vissen zwommen om je heen. Ze zoenden je op je blote huid, en lieten na een tijdje pas weer los. Je zwom dieper en dieper. Je adem werd krachtiger en zuiverder. Je huid werd rauw, maar zacht. Jouw ogen werden weer groen. De vissen cirkelden om je heen. Je kwam bij blauwer water, water wat zo helder was, dat je het kleine huis al kon zien. Je lichaam raakte totaal ontspannen en je liet al je verlangens naar dingen die er niet zijn los. Je eet de wieren en drinkt het water. Je huilde en nestelde je tussen de akkers bij je huis.
Ik heb het zwaar gehad. Deze weg is het zwaarste wat ik ooit betreden heb. Maar ik ben er weer. Thuis.

Weyo liz, ik kan niet wachten op je boek!! Serieus wat kan jij dingen mooi beschrijven zeg!
BeantwoordenVerwijderenWat geweldig lief!!!!
BeantwoordenVerwijderenkusjekusje voor jou